Delphine Boël maakt weinig kans om via de rechter een DNA-test af te dwingen van koning Albert of enig ander lid van de koninklijke familie. Dat zeggen specialisten. De buitenechtelijke dochter van koning Albert daagt de koning, prins Filip en prinses Astrid voor de rechter om hen een DNA-test op te leggen. Zo wil ze definitief haar afkomst bewijzen.
Rechtspecialisten maakten gisteren brandhout van de eis van Delphine Boël om via de rechter een DNA-test af te dwingen van enkele leden van de koninklijke familie. Koning Albert zelf kan niet gedagvaard worden omdat hij onschendbaarheid geniet. Ook prins Filip of prinses Astrid kunnen niet tot een DNA-test worden gedwongen, omdat de wet voorschrijft dat dit enkel kan ‘als er sprake is van een verdachte van feiten die strafbaar zijn met een maximumstraf van vijf jaar'.
“In afstammingszaken zal de rechter bijna altijd een DNA-test bevelen”, zegt professor Swennen, specialist familierecht van de Universiteit Antwerpen “Niemand kan echter worden verplicht om daar ook daadwerkelijk aan mee te werken.”
Conclusies trekken uit weigering
De rechter kan wel conclusies trekken uit de weigering van een DNA-test en koning Albert zonder test tot de echte vader van Delphine te verklaren. Probleem hierbij is dat Jacques Boël Delphines wettelijke vader is, en je kan maar één vader hebben.
Het zou Delphine niet te doen zijn om een ‘koninklijke titel’ of om het geld – ook al zou haar vader haar willen onterven. Volgens intimi heeft Delphine het emotioneel enorm zwaar met de blijvende weigering van koning Albert om haar als zijn dochter te erkennen.
KVH
Foto: Belga






Plaats reactie
0 reacties
Je bekijkt nu de reacties waarvoor je een notificatie hebt ontvangen, wil je alle reacties bij dit artikel zien, klik dan op onderstaande knop.
Bekijk alle reacties