Textielslaafjes krijgen slaag (fotospecial + video)

Textielarbeidertjes krijgen stokslagen in Dhaka, de hoofdstad van Bangladesh. Daar kwamen 20.000 slaven van de kledingfabrieken de straat op uit protest tegen hun lage lonen en armoedige werkomstandigheden. Ver van uw bed? In de ateliers van deze kindslaven wordt de kleding gemaakt van topmerken als H&M, Adidas, Nike en Tommy Hilfiger.

De politie zette vandaag zwaar geschut in om de protesterende arbeiders, met onder hen ook een pak kinderen, uit elkaar te drijven. Er werd met traangas gespoten en het waterkanon werd bovengehaald voor de woedende textielwerkers die een grote invalsweg blokkeerden in het noorden van de stad. Zij bekogelden de politie daar met stenen.

De opstand begon in vier grote fabrieken van een van de belangrijkste marktleiders, maar breidde uit naar de andere werkplaatsen langs een vijf kilometer lange weg. Alle textielarbeiders kwamen naar buiten en namen deel aan de gevechten met de politie.

De laatste weken escaleerde het protest en zijn honderden fabrieken buiten de hoofdstad tijdelijk gesloten omdat het er te gewelddadig aan toe ging. Volgens de eigenaars was er “paniek en anarchie” ontstaan in de werkplaatsen. Zo’n duizend politiemensen werd toen ingezet om de fabrieken de dag later terug open te krijgen.

De textielfabrieken, zo’n 4.5000 in totaal, zorgen voor de grootste bron van inkomsten en export voor Bangladesh. De Bengali’s maken er kleding voor grote Westerse topmerken, maar krijgen daarvoor slechts een maandloon van amper 25 dollar (20 euro). De onderdrukte arbeiders eisen nu een minimumloon van 70 dollar (57 euro). De overheid beloofde al om het loon van de drie miljoen textielwerkers tegen eind juli te verhogen, maar vraagt hen voorlopig nog wat geduld. Als zo’n schokkende beelden de wereld rondgaan wordt dat wel heel erg moeilijk.


    

    
Lees meer over:

Blijf op de hoogte

… en schrijf je in op de beste nieuwsbrief van het westelijk halfrond!


Twitter

Fans

Elders op het web