De geschiedenis van de auto in 60 delen: Hispano-Suiza Alfonso

Spanje, viercilinder-lijnmotor: inhoud 3.6 liter, 65pkDeze eerste in serie geproduceerde sportwagen in Europa dankte zijn naam aan koning Alfonso XIII van Spanje. Die was immers een fervent automobilist en hij nam ook het beschermheerschap over de in Barcelona opgerichte firma Hispano-Suiza op zich. Het was de Zwitser Marc Birkigt die deze auto, op basis van […]

Spanje, viercilinder-lijnmotor: inhoud 3.6 liter, 65pk
Deze eerste in serie geproduceerde sportwagen in Europa dankte zijn naam aan koning Alfonso XIII van Spanje. Die was immers een fervent automobilist en hij nam ook het beschermheerschap over de in Barcelona opgerichte firma Hispano-Suiza op zich.

Het was de Zwitser Marc Birkigt die deze auto, op basis van een race-voiturette van 1909, ontwikkelde. Een snellere versie van de Alfonso, uitgerust met een lange-slagmotor van 2.6 liter, had in 1910 de ‘Coupe de l’Auto gewonnen en werd om die reden tot voorbeeld genomen voor de in serie te bouwen wagen.

De Alfonso werd in verschillende versies geleverd, zo was er bijvoorbeeld een twee- of een vierzitter beschikbaar. Deze wagen bleef overigens de enige zuivere Spaanse ontwikkeling van de firma, want de auto’s die Hispano-Suiza later bouwde, werden allemaal in de in 1911 opgerichte fabriek in het Franse Bois-Colombes geproduceerd. Eigenlijk zou hier alleen worden geassembleerd, maar al spoedig ging men ertoe over ook hier zelf auto’s te ontwikkelen. Er werden in Spanje nog wel meer auto’s gebouwd dan in Frankrijk, maar dat waren over het algemeen goedkopere versies van de Franse modellen.

De Alfonso werd al spoedig ook in Bois-Colombes gebouwd, maar ook in dit geval ging het om eigen versies. De auto zou zelfs in Rusland worden geproduceerd, maar dit plan werd door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog doorkruist. De motor van de Alfonso leverde zijn 65pk bij een toerental van minder dan 2500 omwentelingen per minuut, en omdat de slag van de zuigers twee keer zo groot was als de diameter van de cilinders, liep hij buitengewoon soepel. De prestaties waren goed genoeg om de auto een maximum snelheid van 120km/u te geven. Tegenwoordig zou de Alfonso een ‘compactcar’ worden genoemd. Hij was uitgerust met een standaardchassis op een elliptische wagenveren. De motor en de versnellingsbak vormden één blok, hetgeen destijds nog uitzonderlijk was. Er waren wel snellere auto’s op de weg, maar dat waren in de regel racewagens. De auto van Hispano-Suiza stal de show vooral vanwege zijn acceleratievermogen, die hem vaak in staat stelde grotere auto’s achter zich te laten. Bovendien was de wegligging zeer stabiel en stelde hij weinig eisen aan de bestuurder.

Toen de eerste wereldoorlog uitbrak, was het gedaan met de Alfonso. Vermoedelijk was de directie van mening dat de auto niet meer voldeed aan de veranderde eisen van de tijd. Hispano-Suiza schakelde over op de productie van grotere tourwagens.
Tot zover de geschiedenis van het model ‘Alfonso’. Hier zetten we die van de firma Hispano-Suiza nog eens op een rijtje.

Auto’s

Ene Emilio de la Cuadra startte in Barcelona een fabriek voor elektrische wagens. Die auto’s werden verkocht als La Cuadra. Het probleem bij elektrische auto’s in die tijd was echter de actieradius: na een ritje van enkele kilometers was het al gedaan met rijden. La Cuadra kreeg het idee om in de toekomst met benzinemotoren te gaan werken en hij liep Marc Birkigt tegen het lijf. Marc was een Zwitserse ontwerper met talent. Rond 1902 werd de naam van de fabriek gewijzigd in ‘Fábrica Hispano-Suiza de Automóviles’, wat zoveel betekent als Spaans-Zwitserse autofabriek.

In 1904 werden vier nieuwe auto’s geïntroduceerd en men bleef tot 1938 auto’s bouwen. In 2000 werd de naam Hispano-Suiza nieuw leven ingeblazen door de Mazel group voor auto’s en sindsdien zijn er vier prototypes verschenen, de HS21GTS, de K8, de HS21 en de Granturismo V10 Supercharged.

Vliegtuigen en vliegtuigmotoren

De Eerste Wereldoorlog leek voor Marc Birkigt het moment om met de productie van vliegtuigmotoren te beginnen. Er werd een motor met een motorblok uit één stuk geproduceerd, in de plaats van (zoals het toen gebruikelijk was) afzonderlijke cilinders te bevestigen op een krukashuis. Bovendien kwam men op het idee het geheel met een holle propelleras te maken, zodat die als loop voor een machinegeweer of kanon kon gebruikt worden. Op die manier was het probleem van kapotgeschoten propellers als gevolg van een mank lopende synchronisatie tussen propeller en machinegeweer meteen van de baan. (SL)

Klik hier voor foto’s van de verschillende Hispano-Suiza modellen.

Klik hier voor een overzicht van deze reeks, ‘De geschiedenis van de auto in 60 delen.

Reacties

wpDiscuz