Herman Brusselmans heeft zich duidelijk uitgesproken in de discussie rond het vrouwenvoetbal. In ‘Happy Hour’ op VTM reageerde de 68-jarige schrijver op uitspraken van Olivier Deschacht, die eerder liet weten dat hij moeilijk naar vrouwenvoetbal kan kijken. Brusselmans is het daar absoluut niet mee eens en vindt dat de kwaliteit de voorbije jaren enorm vooruit is gegaan. “Dat is bullshit. Er zijn echt heel goeie matchen bij”, klinkt het duidelijk.
De discussie begon na een fragment uit de podcast ‘Ongefilterd’. Daar kreeg Deschacht de vraag voorgeschoteld hoe ver de vrouwenploeg van OH Leuven volgens hem kan raken in de Champions League. Zijn antwoord was bijzonder kort. “Sorry, ik kan er niet naar kijken.” De uitspraak en het gelach dat erop volgde, zorgden op sociale media voor flink wat kritiek. Tegelijk kreeg de voormalige voetballer ook bijval van mensen die zijn mening delen.
In ‘Happy Hour’ legde presentator Ruben Van Gucht de discussie vervolgens voor aan zijn gasten. Brusselmans hoefde niet lang na te denken over zijn antwoord. Volgens hem werd er vroeger veel lacheriger gedaan over vrouwenvoetbal, maar is het niveau ondertussen sterk gestegen. “Vroeger werd daar ongelooflijk mee gelachen. Er zijn nog mensen die er lacherig over doen, maar als je het WK vrouwenvoetbal ziet, dan zie je hele goeie matchen.”
Brusselmans erkent dat het tempo misschien lager ligt dan bij de mannen, maar ziet ook positieve verschillen. Zo vindt hij dat er bijvoorbeeld minder “vuile fouten” worden gemaakt.
Alex Agnew gaf dan weer aan dat hij zelf liever naar mannenvoetbal kijkt. “Omdat dat sneller is, omdat dat harder gespeeld wordt”, legt de comedian uit. Wat hem vooral tegen de borst stuit, is volgens hem de verwachting dat mannen bewust meer naar vrouwenvoetbal zouden moeten kijken. “Als vrouwen altijd tegen mannen aan het zagen zijn: ‘Kijk eens wat meer naar vrouwenvoetbal’, dan denk ik: kijk je daar zelf meer naar?”
Ook Tom Boonen schoof mee aan, al volgt hij voetbal naar eigen zeggen nauwelijks. De voormalige wielrenner trok de vergelijking met zijn eigen sport. Hij kijkt slechts af en toe naar vrouwenwielrennen en vindt dat niet iedere wedstrijd even aantrekkelijk is. “Vrouwenkoers is vaak ook gewoon saai om naar te kijken. Er gebeurt vaak vier, vijf uur niks.” Dat betekent volgens Boonen niet dat hij weinig belangstelling heeft voor vrouwensport in het algemeen. Naar vrouwenbasketbal en vrouwentennis kijkt hij bijvoorbeeld wél graag.
De discussie aan tafel leverde zo behoorlijk uiteenlopende standpunten op. Waar Deschacht weinig plezier beleeft aan vrouwenvoetbal en Agnew een duidelijke voorkeur heeft voor het mannenvoetbal, vindt Brusselmans dat het vrouwenvoetbal te gemakkelijk wordt afgeschreven en dat er tegenwoordig wel degelijk wedstrijden van hoog niveau te zien zijn.
Lees het artikel op de mobiele website