Je werkt 35 jaar in België, je betaalt al die jaren braaf je bijdragen aan de staat en je gaat blijkbaar met het minimumpensioen naar huis. Je Nederlandse leeftijdsgenoot heeft nooit één dag gewerkt. Wie krijgt het meeste staatspensioen? Je zou denken dat het antwoord heel voor de hand liggend is, maar het antwoord doet vooral even pijn.
De Nederlander: geen job, wel 1.662 euro
In Nederland hangt de AOW, het staatspensioen, niet af van hoeveel je gewerkt hebt, maar van hoe lang je er woonde. Per jaar bouw je 2 procent op, in de 50 jaar voor je AOW-leeftijd. Die ligt nu op 67, dus de opbouw start op je 17de.
Wie al die jaren in Nederland woonde, krijgt volgens de Sociale Verzekeringsbank sinds 1 juli al een aardige 1.662,16 euro bruto per maand als alleenstaande. Daarbovenop bouw je 104,78 euro vakantiegeld per maand op, uitbetaald in mei. Gewerkt of niet, dat maakt niets uit. Woonde je er maar 40 van die 50 jaar, dan krijg je 80 procent.
De Vlaming: 35 jaar gewerkt, 1.464 euro
In België moet je voor het gewaarborgd minimumpensioen dan weer wél werken. Je hebt minstens 30 loopbaanjaren nodig, en daarnaast een minimum aan effectief gewerkte dagen, dat oploopt tot 5.000.
Voor een volledige loopbaan van 45 jaar bedraagt het minimum voor een alleenstaande sinds 1 september 1.881,92 euro bruto per maand. Werkte je korter, dan krijg je een breuk. Met 35 jaar is dat 35/45, of 1.463,72 euro bruto.
Dat is dus 198 euro per maand minder dan de Nederlander die heel zijn leven niet gewerkt heeft. Het klinkt hallucinant. Ook Belgische gepensioneerden krijgen in mei vakantiegeld, 1.219,23 euro bruto, maar op jaarbasis blijft de kloof ruim 2.400 euro.
Maar België heeft wel een vangnet
Wie in België een laag pensioen en weinig andere middelen heeft, kan de inkomensgarantie voor ouderenwel krijgen, de IGO. Voor een alleenstaande trekt dat je inkomen op tot 1.644,28 euro bruto, en je pensioen telt daarbij maar voor 90 procent mee.
Onze Vlaming met 35 jaar loopbaan komt zo, als hij alleen woont en weinig spaargeld of eigendom heeft, op zo'n 1.790 euro bruto. Dat is meer dan de AOW. Alleen: de IGO is een bijstandsuitkering. De Pensioendienst onderzoekt eerst je spaargeld, je huis en je inkomsten, en je mag maximaal 29 dagen per jaar in het buitenland zijn. De AOW krijg je wel zonder zo'n onderzoek.
Dus Nederland is gewoon gul?
Niet helemaal. Werkende Nederlanders betalen hun hele loopbaan 17,9 procent AOW-premie op hun inkomen tot 38.883 euro per jaar. Daarnaast bouwen de meeste Nederlandse werknemers via hun werkgever ook een aanvullend pensioen op. Dat verklaart ook waarom het gemiddelde pensioen in Nederland zoveel rooskleuriger is. En veel Belgen krijgen meer dan het minimum: lees hier hoeveel pensioen de gemiddelde Vlaming krijgt.
(Bron: Federale Pensioendienst, Sociale Verzekeringsbank, Belastingdienst - Beeld: Pexels)








Plaats reactie
0 reacties
Je bekijkt nu de reacties waarvoor je een notificatie hebt ontvangen, wil je alle reacties bij dit artikel zien, klik dan op onderstaande knop.
Bekijk alle reacties